Veelgestelde vragen

  1. Praktische vragen
  2. Financiële vragen
  3. Juridische vragen
  • Praktische vragen

    • Voor welke soorten moet ik ontheffing aanvragen?

      Vanaf najaar 2014 is de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) over gegaan op een andere manier van ontheffing verlenen. Bij deze manier hoeft u als aanvrager niet te specificeren voor welke soorten u ontheffing aanvraagt. U geeft aan voor welk gebied u een ontheffing aanvraagt. Vervolgens krijgt u een ontheffing ‘voor alle soorten die zich in dat gebied kunnen vestigen’.

      Een indicatie van de soorten die zich in het desbetreffende gebied kunnen vestigen is te vinden in de soortenlijsten die RVO zijn opgesteld. Voor elke bio-geografische regio is  aangegeven welke streng beschermde soorten (de zogenaamde lijst 3 soorten) er kunnen leven. Deze lijsten worden met de ontheffing meegezonden als bijlage en komen op termijn beschikbaar op internet.

    • Hoe zit het met de inrichting van een Tijdelijk Natuurgebied?

      In een Tijdelijk Natuurgebied moet de grondeigenaar de natuur de ruimte geven om zich spontaan te ontwikkelen. Het is niet verplicht iets te doen aan natuurvriendelijke inrichting of beheer. Maar er zijn zeker kansen om met weinig extra inspanning veel te bereiken. Een kleine verlaging van het maaiveld tot op het grondwater kan bijvoorbeeld al een waardevolle poel voor rugstreeppadden opleveren. De natuurkwaliteit is op enkele terreinen onderzocht door De Vlinderstichting. Het blijkt dat Tijdelijke Natuur een positief effect heeft op flora & fauna. Met kleine maatregelen wordt de beleving van natuur op eigen terrein vergroot en de natuur vaart daar wel bij.

    • Voor welke soorten krijg ik ontheffing?

      De ontheffing tijdelijke natuur wordt verleend voor de soorten die corresponderen met de lijst van de betreffende biogeografische regio.

      Door het ministerie van EZ zijn soortenlijsten samengesteld op basis van een biogeografische indeling. Deze soortenlijsten geven een beeld van de soorten die zich op een terrein met tijdelijke natuur in een bepaalde biogeografische regio kunnen vestigen. Uit de locatie van het (beoogde) Tijdelijke Natuurterrein volgt automatisch in welke biogeografische regio(‘s) het terrein ligt en welke soorten dus kunnen worden verwacht.

      Nadere toelichting
      Er wordt ontheffing verleend voor alle soorten die in de betreffende biogeografische regio van nature voorkomen of kunnen gaan voorkomen. Deze werkwijze voorkomt dat soorten die niet verwacht worden maar zich wél van nature vestigen in het Tijdelijke Natuurterrein, op de ontheffing moeten worden bijgeschreven. Indien een soort die niet wordt verwacht zich toch vestigt, heeft dit voor de ontheffingshouder dus geen consequenties. De consequentie is slechts dat de soortenlijst voor de biogeografische regio door het Ministerie van EZ zal worden aangepast want die was (kennelijk) niet compleet.

      Bij de eerste ontheffingen Tijdelijke Natuur is nog niet gewerkt met lijsten per biogeografische regio. Discussies tussen de partijen in de Green Deal Tijdelijke Natuur hebben er toe geleid dat de procedure op deze manier is vereenvoudigd. De aanvrager hoeft nu geen ecologische inschatting meer te maken van de soorten die in het terrein verwacht kunnen worden. Daarmee is de aanvraag voor zowel de aanvrager als de ontheffingsverlener simpeler en goedkoper geworden.

    • Zorgt Tijdelijke Natuur voor verrommeling van een gebied en maakt dat een terrein onverkoopbaar?

      Nee. Het is toegestaan om beheer te voeren met als doel het aantrekkelijk houden/maken van een terrein voor bezoekers en bijvoorbeeld potentiële kopers. Wel moeten maatregelen zoveel mogelijk achterwege worden gelaten die de kans verkleinen op vestiging en verspreiding van beschermde soorten.

      Tijdelijke Natuur zorgt er voor dat terreinen er groen uitzien. Ervaring tot op heden laat zien dat juist die kwaliteit de verkoopbaarheid vergroot.

    • Is een Tijdelijk Natuurgebied vrij toegankelijk?

      Ja, Tijdelijke Natuur is winst voor mens en natuur. In principe is tijdelijke natuur toegankelijk voor mensen. Voor betreding van het terrein kan wel toestemming van de eigenaar nodig zijn. In sommige gevallen echter, bij voorbeeld als tijdelijke natuur zich bevindt te midden van gevaarlijke installaties of als er sprake is van drijfzand, kan afsluiten van het terrein noodzakelijk zijn.

    • In een Tijdelijk Natuurgebied vestigt zich een das. Hoe moet ik als grondeigenaar nu mijn zorgplicht invullen?

      De situatie met de das is niet representatief voor andere beschermde diersoorten.  Voor het algemene antwoord zie de vraag over het invullen van de zorgplicht in de algemene situatie. De das is een uitzondering die een apart antwoord vraagt.

      Ten eerste, de situatie dat zich een das vestigt zal niet veel voorkomen. Terreinen die op termijn als woningbouwterrein, haventerrein of bedrijventerrein worden ingericht (vaak opgespoten terreinen of intensief gebruikte landbouwgrond) zijn geen aantrekkelijk woongebied voor dassen.

      Als het toch gebeurt, schrijft de Flora- en faunawet voor dat je alles moet doen voor het individuele dier wat mogelijk is. Dat betekent bij de start van het realiseren van de uiteindelijke bestemming voor de das het volgende. De dassen moeten een uitweg hebben en de mogelijkheid om zich elders opnieuw te vestigen. De burcht mag alleen in de periode van 1 augustus t/m 31 december ontoegankelijk worden gemaakt. In de rest van het jaar is sprake van voortplantingstijd en periode van afhankelijkheid van de jongen. Deze periode wordt ook wel aangeduid als de ‘kwetsbare periode’. Met deze aanpak wordt voorkomen dat er sprake is van doden en/of verwonden van dieren. De burcht in het Tijdelijke Natuurgebied mag pas definitief worden geruimd, als blijkt dat alle dassen zijn vertrokken.

      In zeer uitzonderlijke situaties is het nodig om een vervangende burcht te plaatsen. Hier zijn geen algemene regels voor. Betrek hiervoor een deskundige en overleg met RVO.

      Wat moet ik doen als zich een beschermde dier- of plantensoort vestigt?

      Vraag
      Wat zijn de inspanningen vanuit de Flora- en faunawet als een beschermde soort zich vestigt in een gebied waarvoor een ontheffing Tijdelijke Natuur is verleend?

      Antwoord
      Als er in uw terrein met ontheffing Tijdelijke Natuur zich een beschermde soort vestigt, hoeft u niets te doen met of voor de beschermde soorten (behalve ze de ruimte geven), tot het moment dat u de Tijdelijke Natuur gaat opruimen.

      Als u een Tijdelijk Natuurgebied gaat opruimen, moet u op zorgvuldige wijze de beschermde en streng beschermde soorten verwijderen. De Flora- en fauna wet schrijft voor dat dan de zorgplicht van kracht is.

      De zorgplicht is een algemene fatsoensnorm. Deze geldt voor elk gebied in Nederland en dus ook voor Tijdelijke Natuurgebieden. De zorgplicht houdt in dit geval in dat dieren een uitweg moeten hebben. Als voorbeeld, als u een sloot gaat dempen, dan begint u bij het dichte einde en werkt vanuit daar. Zo hebben alle dieren die in het water leven de kans om via het water te ontsnappen. In geval van planten betekent het dat deze –indien mogelijk- verplaatst moeten worden naar nabij gelegen beschikbaar gebied. Als er geen geschikt gebied voor handen is, dan vervalt deze verplichting.

      Ook moet u verplicht buiten de kwetsbare periode (bijvoorbeeld de broedperiode) werken. Dit hangt van de aanwezige soorten af.  Het opruimen van Tijdelijke Natuur moet onder begeleiding van een bevoegde ecoloog. Voor de door RVO gestelde eisen aan een bevoegd ecoloog, zie de vraag daarover.

    • Is de ontheffing TN ook geldig voor de Natuurbeschermingswet?

      Nee, formeel niet. De ontheffing Tijdelijke Natuur is een ontheffing in het kader van de Flora- en faunawet, niet in het kader van de Natuurbeschermingswet. Maar dat is ook niet nodig. De deelnemers aan de Green Deal Tijdelijke Natuur hebben vastgesteld dat het verwijderen van tijdelijke natuur niet vergunningsplichtig is in het kader van de Natuurbeschermingswet. De argumentatie voor deze stelling is de volgende. Als op de ecologisch inhoudelijke vraag of Tijdelijke Natuur een permanent gunstig effect heeft onder de Flora- en faunawet met ‘ja’ is geantwoord, zal het antwoord op een weliswaar anders verwoorde, maar van dezelfde strekking zijnde vraag onder de Natuurbeschermingswet logischerwijze eveneens ‘ja’ moet luiden. Tijdelijke Natuur en het op termijn weer verwijderen daarvan heeft geen ongunstig effect op Natura 2000 en is daarom niet vergunningplichtig op grond van de Natuurbeschermingswet. Compensatie voor te ruimen of reeds geruimde Tijdelijke natuur, waarvoor onder de Flora- en faunawet ontheffing is verleend, is dus onder de Natuurbeschermingswet niet aan de orde.

    • Wat mag ik met een ontheffing Tijdelijke Natuur?

      Tijdelijke Natuur vraagt geen inrichting, gebruik en/of beheer. Maatregelen die in een Tijdelijke Natuur-terrein de kans op kolonisatie en/of verdere verspreiding van flora en fauna verkleinen dienen zoveel mogelijk achterwege te worden gelaten. Uiteraard mag het gebied wel extra aantrekkelijk worden gemaakt voor dieren, planten en recreanten. Indien niet duidelijk is of een geplande inrichting, beheer of gebruik een negatief effect zou kunnen hebben op het met Tijdelijke Natuur beoogde doel moet hierover vooraf bij een ecologisch deskundige advies worden ingewonnen (of van de handeling worden afgezien).

    • Wat is een deskundige?

      Voor het opruimen van een Tijdelijk Natuurgebied is begeleiding nodig van een ecologisch deskundige. Het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie verstaat onder een deskundige een persoon die voor de situatie en soorten ten aanzien waarvan hij of zij gevraagd is te adviseren en/of te begeleiden, aantoonbare ervaring en kennis heeft op het gebied van soortspecifieke ecologie. De ervaring en kennis dient te zijn opgedaan doordat de deskundige:

      – op HBO-, dan wel universitair niveau een opleiding heeft genoten met als zwaartepunt (Nederlandse) ecologie en/of op MBO niveau een opleiding heeft afgerond met als zwaartepunt de Flora- en faunawet, soortenherkenning en zorgvuldig handelen ten opzichte van die soorten; en/of

      – als ecoloog werkzaam is voor een ecologisch adviesbureau, zoals bijvoorbeeld een bureau welke is aangesloten bij het Netwerk Groene Bureaus; en/of

      – zich aantoonbaar actief Inzet op het gebied van de soortenbescherming en is aangesloten bij en werkzaam voor de daarvoor In Nederland bestaande organisaties (zoals bijvoorbeeld zoogdiervereniging, RAVON, Stichting Das en Boom, Vogelbescherming Nederland, De Vlinderstichting, Natuurhistorisch Genootschap, KNNV, NJN, IVN, EIS Nederland, FLORON, RAVON, STONE, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, De Landschappen en Stichting Beheer Natuur en Landelijk gebied) en/of

      – zich aantoonbaar actief Inzet op het gebied van de soortenmonitoring en/of bescherming.

    • ‘Stel: ik wil op mijn terrein de ruimte geven aan Tijdelijke Natuur. Wat moet ik daarvoor doen?’

      Het ministerie van Economische Zaken stelt hiervoor een aantal voorwaarden en eisen. Op deze website hebben wij die onderverdeeld in drie stappen. U vindt de stappen hier. Daarnaast adviseren we u om:

      • Omwonenden tijdig te informeren over uw plan. Daardoor voelen zij zich betrokken. Dat geldt ook voor andere relevante partijen, zoals plaatselijke natuur- en milieuorganisaties.
      • Samen te werken met plaatselijke natuur- en milieuorganisaties aan voorlichting over Tijdelijke Natuur. Ze kunnen hier hun eigen communicatiemiddelen en netwerken voor inzetten en bijvoorbeeld natuurexcursies houden op uw terrein.
      • Iedereen helder te vertellen dat u de natuur slechts tijdelijk de ruimte geeft; dat dieren en planten op den duur weer verwijderd worden. U kunt dat op talrijke manieren doen: van brieven en persberichten tot huis-aan-huisbladen of een informatiebord.
    • ‘Ik heb de ontheffing Tijdelijke Natuur gekregen. Wat nu?’

      Nu hebben belanghebbenden nog zes weken om bezwaar aan te tekenen tegen die beslissing. (Soms langer, maar dat is alleen zo als de bezwaarmaker kan aantonen dat hij niet op de hoogte kon zijn geweest van de beslissing.) Vervolgens kunt u met een gerust hart de natuur de ruimte geven. U hoeft daar niets voor te doen. U hoeft het zelfs niet te beheren. U mag het wel beheren, maar (Natuurwerend beheer is met een ontheffing Tijdelijke Natuur verboden.)
      Ondertussen:

      • mag u natuurlijk wel besluiten om het gebied tijdelijk natuurvriendelijk in te richten, bijvoorbeeld door een poel aan te leggen. Ook kunt u kiezen voor natuurlijk beheer, bijvoorbeeld door extensieve begrazing. Dit zijn vrijwillige keuzes.
      • heeft u de mogelijkheid om excursies te organiseren, al dan niet in samenwerking met lokale natuurorganisaties. Zij kunnen omwonenden vertellen over de planten en dieren op uw terrein, waarbij ze het tijdelijke karakter van het natuurgebied benadrukken.
    • ‘Ik wil de natuur weer verwijderen van mijn terrein. Kan dat zomaar?’

      Als u een ontheffing Tijdelijke Natuur heeft gekregen, dan mag u de beschermde planten- en dieren die zich nieuw gevestigd hebben van uw terrein verwijderen. Houd er wel rekening mee dat u een zorgplicht heeft voor de soorten op uw terrein (een plicht die overigens voor iedereen in Nederland geldt – met of zonder ontheffing Tijdelijke Natuur). Dat betekent dat u de verwijdering zo natuurvriendelijk mogelijk moet laten verlopen. U bent in ieder geval verplicht om van te voren een ecologische inventarisatie uit te voeren, zodat u weet met welke soorten u rekening moet houden. En u moet de verwijdering laten begeleiden door een bevoegd ecoloog. U kunt ook advies vragen aan een lokale natuurorganisatie.

    • ‘Waarom zou ik als grondeigenaar samenwerken met een natuurorganisatie?’

      Als u besluit uw terrein te gebruiken als Tijdelijk Natuurgebied, kan samenwerking met een natuurorganisatie u zeer goed van pas komen. Op vier manieren:

      • Een natuurorganisatie kan een groot deel van de voorlichting aan omwonenden verzorgen. Wat gaat er gebeuren, wanneer en hoe? Waarom is dat goed voor de natuur? En welke natuur kómt er?
      • Als het terrein er is, kan de organisatie eventueel de ontwikkeling van de natuur monitoren. Ook kan ze excursies geven op uw terrein, mensen vertellen over die spontane natuurontwikkeling en vertellen over de voordelen van het tijdelijke natuurgebied.
      • Een natuurorganisatie kan u ook adviseren over de beste manier en tijd om ontstane natuur zorgvuldig te verwijderen.
      • Samenwerking met een natuurorganisatie kan helpen het vertrouwen te krijgen van de omwonenden en is goed voor uw imago.
    • ‘Kan ik grondeigenaren vragen naar hun ervaring met het creëren van Tijdelijk Natuurgebied?’

      Dat kan zeker. Wij brengen u graag in contact met grondeigenaren die bereid zijn om hun ervaring met u te delen. Mail ons daar gerust over. Overigens vindt u op deze website ook enkele filmpjes. Daarin komen eveneens grondeigenaren aan het woord. U krijgt dankzij de video’s direct een beeld van wat er met uw terrein gebeurt als u het gebruikt als Tijdelijk Natuurgebied.

    • ‘Wie zit er eigenlijk achter het initiatief Tijdelijke Natuur?’

      Zie hier de namen van bedrijven, organisaties en overheidsinstanties die de Green Deal Tijdelijke Natuur ondertekenden en het idee voor Tijdelijke Natuur ontwikkeld hebben.

    • ‘Vanuit welk idee is Tijdelijke Natuur ontstaan?’

      Tijdelijke Natuur is ontstaan vanuit drie inzichten:

      • Bedrijven, projectontwikkelaars en overheden hebben in heel Nederland tienduizenden hectaren grond aangekocht. De bestemmingen variëren van woningbouw en infrastructuur tot bedrijventerreinen en ontgrondingen. Vaak gaat het om voormalige landbouwgronden of opgespoten terreinen waarvan de natuurwaarden bij aankoop of aanleg gering zijn. De uiteindelijke bestemming is al vastgelegd in bijvoorbeeld streek- of bestemmingsplannen, maar het kan nog jaren duren voordat die bestemming daadwerkelijk gerealiseerd wordt. Deze plekken zijn ideaal om tijdelijk natuur te laten ontwikkelen. Als op al deze braakliggende terreinen tijdelijk natuurontwikkeling plaats zou vinden, dan zou Nederland vele steeds wisselende natuurgebieden rijker zijn.
      • Biodiversiteit en groen zijn belangrijk voor de fysieke en mentale gezondheid. Het is dan ook belangrijk dat er (beschermde) natuur is in Nederland. Maar dat sluit het bestaan en de waarde van Tijdelijke Natuur niet uit. Sterker nog: uit onderzoek blijkt dat Tijdelijke Natuur de soortenrijkdom in Nederland blijvend versterkt. Er zijn plant- en diersoorten die het juíst goed doen in tijdelijke gebieden. Hieronder bevinden zich ‘pionierssoorten’ (zoals plevieren, rugstreeppadden en vlieszaad) die het moeilijk hebben in Nederland. Maar ook ‘vroege soorten’ (zoals orchideeën, porseleinhoen en de zwartkopmeeuw). Pionierssoorten doen het vaak goed op kaal terrein, vroege soorten op iets verder ontwikkeld natuurgebied.
      • Grondeigenaren bespaarden tot voor kort vaak kosten noch moeite om de natuur van hun terrein te weren, voorafgaand aan de realisatie van de terreinbestemming. Dat was een onbedoeld negatief neveneffect van de Flora- en faunawet. De ontheffing Tijdelijke Natuur is bedoeld om dit neveneffect teniet te doen. Met die ontheffing mogen grondeigenaren de nieuw gevestigde beschermde flora en fauna verwijderen. Daar zijn wel enkele voorwaarden aan verbonden. Zo geldt deze toestemming alleen voor de beschermde planten en dieren die zich nog niet op het terrein bevonden voordat het een Tijdelijk Natuurgebied werd.
    • ‘Waarom is Tijdelijke Natuur goed voor planten en dieren?’

      Tijdelijke natuur geeft natuur tijdelijk extra ruimte. En tijdelijk extra ruimte is altijd beter dan geen extra ruimte. Er zijn verschillende documenten waarin de ecologische onderbouwing voor Tijdelijke Natuur terug te vinden is. Bijvoorbeeld in dit rapport.

    • Gaan de provincies in de toekomst de ontheffingen Tijdelijke Natuur verlenen?

      Momenteel verleent de Minister van Economische Zaken de ontheffingen via de Dienst Regelingen. Door de decentralisatie gaat deze verantwoordelijkheid waarschijnlijk over naar de provincies. Wanneer dat gebeurt is nu nog niet duidelijk. Na voorgenomen decentralisatie komt er een nieuwe (geïntegreerde) wet natuurbescherming. Parlementaire behandeling daarvan wordt in 2014 verwacht. Op zijn vroegst zou dan op 1 januari 2015 de wet van kracht zijn.

    • Komt er een gedragscode Tijdelijke Natuur?

      In 2009 bood de minister van LNV een beleidslijn Tijdelijke Natuur aan de Tweede Kamer, waarin hij aangeeft dat het aanvragen van een ontheffing op langere termijn niet de beste oplossing is. Een gedragscode tijdelijke natuur had naar zijn oordeel veel voordelen. Maar aangezien deze route binnen de huidige wet- en regelgeving niet mogelijk is, wordt vooralsnog de weg van de ontheffing bewandeld.

      Parlementaire behandeling van het voorstel voor een nieuwe (geïntegreerde) wet natuurbescherming wordt in 2014 verwacht. De mogelijkheden en onmogelijkheden van een gedragscode worden nog uitgewerkt in de onderliggende regelgeving bij het wetsvoorstel. In het wetsvoorstel is wel opgenomen dat goedkeuring van gedragscodes niet wordt gedecentraliseerd naar de provincies, maar de bevoegdheid van de rijksoverheid blijft.

  • Financiële vragen

    • Kost Tijdelijke natuur geld of levert het geld op?

      Als u Tijdelijke Natuur de ruimte wilt geven kunt u een ontheffing Tijdelijke Natuur aanvragen. Zo’n aanvraag kost tijd en dus geld. Als u reeds beschikt over een inventarisatie van de natuur die op uw terrein aanwezig is en het aanvragen van de ontheffing uitbesteedt aan een adviesbureau met ervaring op dit vlak, bedragen de kosten tussen de € 3.000 en € 5.000. Beschikt u niet over een recente inventarisatie van de aanwezige natuur dan moet die alsnog worden uitgevoerd. De kosten hiervan bedragen, afhankelijk van de situatie en grootte van het terrein, circa € 2.500 – € 5.000. Een ontheffing levert echter ook geld op in de vorm van vermijdbare kosten. In veel gevallen is een ontheffing niet alleen goed voor de natuur, maar ook een prima instrument voor risicobeheersing en kostenbesparing.

      Lagere beheerskosten
      Om conflicten met de Flora- en faunawet te voorkomen is het voeren van “natuurwerend” beheer niet altijd afdoende. Maar zelfs als het dat wel is, is het vaak duurder dan Tijdelijke Natuur. Een voorbeeld: in 2013 stond de gemeente Nieuwegein voor de keuze hoe ze het (grotendeels nog uit te geven) bedrijventerrein Het Klooster (73 hectare) zou beheren. Dit was nodig omdat het tot dan toe gevoerde beheer, 2 keer per jaar maaien zodat het terrein grotendeels bleef bestaan uit een ruwe grasvegetatie, niet afdoende bleek om de vestiging van beschermde soorten te voorkomen. De gemeente keek naar 3 opties:

      • voortzetten huidig beheer. De jaarlijkse kosten daarvan bedroegen € 25.000. Het risico dat beschermde soorten zouden verschijnen bleef daarbij bestaan en daarmee het risico op kostbare compensatieverplichtingen en vertraging bij de inrichtingswerkzaamheden;
      • intensiveren beheer van 2 keer per jaar maaien naar 6 keer per jaar zodat de vegetatie zou veranderen in zeer kort gras (gazon). Dit beheer zou jaarlijks € 59.000 kosten. Ondanks intensivering zou een zeer klein risico op compensatieverplichtingen en vertraging blijven bestaan;
      • Tijdelijke Natuur. De jaarlijkse beheerskosten zouden in feite nihil worden maar de gemeente raamde € 8.000 voor een (vrijwillige) jaarlijkse monitoring. Naast het aanvragen van de ontheffing zou daarnaast sprake zijn van eenmalige opstartkosten in de vorm van interne uren die nodig zijn voor het binnen de gemeente laten “landen” van het concept, leggen van contact met natuurorganisaties. Het risico op compensatie verplichtingen en vertraging zou worden uitgebannen.
      • De gemeente koos voor de laatste optie[1]. Ten opzichte van het intensiveren van het beheer levert dit meer zekerheid en een kostenbesparing, gerekend over een periode van 5 jaar, van € 255.000.

      [1] Doordat het terrein deels nodig was voor uitvoering van werken van Rijkswaterstaat heeft de gemeente uiteindelijk af moeten zien van het aanvragen van een ontheffing.

      Kosten na 1 jaar Kosten na 5 jaar Risico kosten t.g.v. compensatie en vertraging
      Voortzetten beheer € 25.000 € 125.000 Reëel
      Intensiveren beheer € 159.000 € 295.000 Zeer klein
      Tijdelijke Natuur € 8.000 € 40.000 Afwezig

      Vergelijking van de kosten en risico’s van verschillende vormen van beheer van het in ontwikkeling zijnde bedrijventerrein “het Klooster”. De kosten voor Tijdelijke Natuur zijn exclusief de uren die de gemeente intern moet maken

      Geen compensatiekosten
      Om het risico van een conflict met de Flora- en faunawet te voorkomen, kiezen veel grondeigenaren er voor om “natuurwerend” beheer te voeren. Door veelvuldig maaien, ploegen of zelfs spuiten, proberen ze de vestiging van beschermde soorten te voorkomen. Maar zekerheid biedt deze aanpak niet: ook in een intensief gemaaid of agrarisch beheerd terrein kan een beschermde soort opduiken. Indien dat het geval is moet de terreineigenaar zorgen voor compensatie: er moet een nieuw leefgebied voor de betreffende soort worden aangeschaft en ingericht. De kosten daarvan zijn afhankelijk van de soort en situatie, maar ze kunnen aanzienlijk zijn. In een studie van de Algemene Rekenkamer uit 2014 wordt een aantal casussen behandeld. De kosten van natuurcompensatie bleken veelal te liggen in de orde van 1% van de totale projectenkosten, met een uitschieters tot 10% of zelfs 20%. Voor enkele projecten wordt het concrete bedrag genoemd of valt dat te herleiden:

      € 2,7 miljoen (1% van de projectenkosten) voor compensatie van een verlies van 18 hectare, waarvan 13 hectare bos (Casus Nijverdal-Hellendoorn)

      € 5,6 miljoen (1,5% van de projectkosten) voor compensatie van ca 60 hectare (Casus verbreding A2)

      € 3,5 miljoen (iets minder dan 1% van de totale kosten) voor compensatie van een verlies van 9 hectare natuur en kwaliteitsverlies (geluidsbelasting) op ca 54 ha. (Casus Nijmegen)

      Geen risico op stilleggen werk
      Als u geen ontheffing Tijdelijke Natuur aanvraagt loopt u het risico dat u het werk moet stilleggen op het moment dat u een rugstreeppad, noordse woelmuis, of andere beschermde soort aantreft tijdens de uitvoering van werkzaamheden. Dat is zeer kostbaar want bij een bouwproject gaat het al gauw een omzet van tientallen miljoenen. Neem bij voorbeeld de Nieuwe Waalbrug bij Nijmegen De realisatie van deze “Overstreek” vergde 2,5 jaar dus circa 550 werkdagen. De kosten bedroegen 260 miljoen euro, dwz gemiddeld € 450.000 per dag.  De kosten van de nabijgelegen dijkteruglegging Lent liggen in dezelfde ordegrootte: € 350 miljoen. Realisatie, inclusief voorbereiding, duurt circa 5 jaar. Een werkdag correspondeert hier dus met gemiddeld € 320.000. Het hangt af van het moment van stilleggen hoeveel dit precies per dag kost. Soms zijn er bij voorbeeld mogelijkheden om het werk elders (nog enige tijd) voort te zetten. Maar duidelijk is wel dat een ontheffing Tijdelijke Natuur kan zorgen voor het vermijden van grote financiële risico’s en schade. En dat tegen zeer bescheiden kosten. Ook bij kleinere projecten kan Tijdelijke Natuur als risicobeheersing aantrekkelijk zijn.

    • Kan een grondeigenaar door een ontheffing Tijdelijke Natuur het verleende recht op aftrek BTW bij aankoop van het terrein verliezen?

      Nee omdat de bestemming van het gebied niet wijzigt door de ontvangen ontheffing en er ook geen sprake is van een ‘eerste ingebruikneming’.

      Toelichting
      Het enige dat wijzigt ten opzichte van een situatie zonder ontheffing is dat de grondei-genaar niet meer actief voorkomt dat er natuur ontstaat. Het terrein wordt ‘voor de btw’ niet in gebruik genomen. Immers, de ontheffing houdt slechts in dat natuur die op het terrein ontstaat zonder compensatie plicht mag worden verwijderd. Vandaar dat er geen sprake is van een bestemmingswijziging, noch sprake van een eerste ingebruikneming voor de BTW.

      Als een ontwikkelaar een bouwterrein koopt (in de zin van artikel 11, lid 4 Wet OB) moet hij over de aankoopsom BTW afdragen. Dat hoeft hij echter niet direct te doen: de belastingdienst is er mee akkoord dat de verschuldigde BTW pas wordt betaalt op het moment dat de ontwikkelaar het terrein heeft doorverkocht aan de eindgebruiker – in jargon: als er sprake is van een ‘eerste ingebruikneming’.

      Van een ‘eerste ingebruikneming’ is pas sprake als het terrein voor het eerst en op duur-zame wijze in overeenstemming met de objectieve bestemming wordt gebruikt. De ont-wikkeling van Tijdelijke Natuur vindt echter juist plaats in de periode die voorafgaat aan het moment waarop het terrein in overeenstemming met de bestemming wordt ge-bruikt. Het recht op aftrek blijft dus in tact.

      Dit antwoord is gebaseerd op de visie van PwC  die u hier kunt downloaden.

  • Juridische vragen

    • Kunnen anderen bezwaar en beroep aantekenen tegen mijn ontheffing?

      Ja dat kan. Het is één keer gebeurt. In 2010 toen zowel Milieu Centrum Amsterdam als het Havenbedrijf Amsterdam naar de rechter stapten vanwege een verleende ontheffing Tijdelijke Natuur. Dat bezwaar is toen afgewezen door de rechter en later in hoger beroep ook. Daarmee is het concept juridisch robuust gebleken.

      Wat heb ik aan een ontheffing Tijdelijke Natuur als straks de nieuwe wet Natuurbescherming geldt?

      Een ontheffing blijft geldig voor de termijn waarvoor deze is afgegeven, ook als tussentijds wet- en regelgeving worden aangepast/gewijzigd.

      Een ontheffing kan eigenlijk slechts worden ingetrokken als de ontheffingshouder zich niet blijkt te houden aan de aan de ontheffing verbonden voorschriften of als blijkt dat voor het verkrijgen van de ontheffing door de aanvrager zodanig onjuiste gegevens zijn verstrekt dat, -was dat destijds bekend geweest-, de ontheffing niet zou zijn verleend.

      Tegen intrekking van een ontheffing staat de mogelijkheid van bezwaar en beroep open.

    • Er bestaan ook generieke ontheffingen. Hoe verhouden die zich tot een ontheffing Tijdelijke Natuur?

      Onder een generieke ontheffing kunnen alle beschermde soorten vallen die al op een terrein aanwezig zijn. Voor soorten die nog niet aanwezig zijn, kunt u een ontheffing Tijdelijke Natuur gebruiken.

      Een generieke ontheffing is een ontheffing van de Flora- en faunawet. Een generieke ontheffing kan betrekking hebben op één soort. Voorbeeld: u kunt met RVO afspreken dat u rugstreeppadden die u bij inrichtingswerk moet verwijderen steeds in een ander geschikt deel van uw gebied weer terugplaatst. Als RVO ervan overtuigd is dat dit een goede oplossing is, krijgt u voor de rugstreeppad een generieke ontheffing. Vanaf dat moment hoeft u niet elke keer dat u deze soort wilt verwijderen een ontheffing van de Flora en Faunawet aan te vragen. Een generieke ontheffing kan ook worden aangevraagd voor alle beschermde en streng beschermde soorten op uw terrein. Als u voor die aanpak kiest kunt u bij voorbeeld een managementplan opstellen waarin staat hoe u er voor gaat zorgen dat alle soorten in uw terrein zich daar kunnen handhaven, ondanks (of dankzij) de ontwikkeling die daar gaat plaatsvinden. Als RVO er van overtuigd is dat uw managementplan voldoende zicht biedt op het voortbestaan van de beschermde en streng beschermde soorten op uw terrein, kan RVO u op grond daarvan een generieke ontheffing verlenen voor die beschermde en streng beschermde soorten. Meer informatie over een generieke ontheffing kunt u krijgen bij RVO.

    • Welke ecologische onderzoeken moet de aanvrager (laten) doen?

      Om een ontheffing Tijdelijke Natuur aan te vragen heeft de aanvrager een inventarisatie nodig van de (beschermde) soorten die in een gebied aanwezig zijn. Deze is nodig omdat voor de reeds aanwezige soorten geen ontheffing afgegeven wordt. Alleen voor soorten die er nog niet zitten, kan een aanvrager toestemming krijgen ze te verwijderen bij opruimen van de Tijdelijke Natuur.

      Voorafgaand aan het opruimen van een Tijdelijk Natuurgebied moet ook een inventarisatie gemaakt worden van de (beschermde) soorten die in een gebied aanwezig zijn. Dit is nodig om de zorgplicht, die voor elke hectare in Nederland geldt, in te vullen.

    • Wat heb ik aan een ontheffing Tijdelijke Natuur als straks de nieuwe wet Natuurbescherming geldt?

      Een ontheffing blijft geldig voor de termijn waarvoor deze is afgegeven, ook als tussentijds wet- en regelgeving worden aangepast/gewijzigd.

      Een ontheffing kan eigenlijk slechts worden ingetrokken als de ontheffinghouder zich niet blijkt te houden aan de aan de ontheffing verbonden voorschriften of als blijkt dat voor het verkrijgen van de ontheffing door de aanvrager zodanig onjuiste gegevens zijn verstrekt dat, -was dat destijds bekend geweest-, de ontheffing niet zou zijn verleend.

      Tegen intrekking van een ontheffing staat de mogelijkheid van bezwaar en beroep open.

    • Komt er een gedragscode Tijdelijke Natuur?

      In 2009 bood de minister van LNV een beleidslijn Tijdelijke Natuur aan de Tweede Kamer aan. Daarin staat dat grondeigenaren die Tijdelijke Natuur willen ontwikkelen, daarvoor een ontheffing van de Flora- en faunawet kunnen krijgen. Het was volgens de minister beter en eenvoudiger geweest om met een gedragscode Tijdelijke Natuur te werken. Maar omdat dit binnen de toen bestaande wet- en regelgeving niet mogelijk was, viel de keuze op een speciale ontheffing.Waarschijnlijk wordt het binnenkort wél mogelijk om met een gedragscode te werken. Het voorstel voor een nieuwe (geïntegreerde) wet natuurbescherming biedt namelijk die mogelijkheid. Dit wetsvoorstel wordt behandeld door de Tweede Kamer. Of er na de inwerkingtreding van de nieuwe wet ook inderdaad een gedragscode komt, hangt af van het initiatief van bedrijven of maatschappelijke organisaties. Als zij zo’n gedragscode opstellen, kan deze na goedkeuring door het bevoegd gezag gebruikt worden.